Opname van voldoende biest van goede kwaliteit gedurende de eerste 24 uur, is van essentieel belang voor het kalf. Indien kalveren niet voldoende biest binnen krijgen zijn ze zeer gevoelig voor met name diarree. Echter, ook later kunnen de dieren onvoldoende weerstand hebben tegen bijv luchtweginfecties en groeiachterstand oplopen.
Biest bevat naast veel voedingstoffen de zo belangrijke afweerstoffen (IgG, IgA en IgM), Bovendien bevat biest veel ijzer en vit A.
De gehaltes aan de afweerstoffen in de biest lopen zeer snel terug. Bovendien sluit het darmslijmvlies van het kalf na 12-24 uur, waardoor de antistoffen niet meer in het bloed opgenomen kunnen worden. Twee redenen dus om het pasgeboren kalf snel van biest te voorzien.
Schema biestverstrekking
1) Melk direct na het afkalven de koe volledig uit. Probeer ong 5.5-6 liter biest te verkrijgen.
2) Geef het kalf direct na de geboorte 2 liter biest, evt met een sonde. De overgebleven biest koel bewaren in een schone, afgesloten emmer.
3) Geef het kalf binnen 12 uur weer 2 liter biest van de eerste melkmaal.
4) Geef de overige 1.5-2 liter binnen 8 uur bij de derde voerbeurt. Dit geeft dus een totaal van 5.5-6 liter biest op de eerste dag.
5) Geef de tweede dag 3 maal 1.5 liter biest van de tweede melkmaal.
6) Schakel vanaf dag 3 over op kunstmelk: 3 maal daags 1.5 liter
Kwaliteit biest
Uiteraard moet de biest voldoende antistoffen bevatten. Biest van vaarzen, of van koeien die bij de eerste melkmaal veel melk (meer dan 8.5 liter) geven, is over het algemeen wat lager van kwaliteit en bevat minder afweerstoffen. Het gehalte aan IgG-afweerstoffen moet minimaal 50 g/l zijn. U kunt de kwaliteit van de biest heel eenvoudig zelf contoleren met behulp van een “dichtheidsmeter”.
Zijn er op uw bedrijf veel problemen bij de kalveren, is het ook mogelijk de kalveren te contoleren of zij voldoende, goede kwaliteit biest hebben gehad. Neem van 5 kalveren tussen de 2e en 5e levensdag bloed af. Het IgG-gehalte moet dan >10 g/l zijn. Is het lager, dan is de afweer van het kalf onvoldoende.
Oorzaken van onvoldoende afweer:
● te weinig biest verstrekt
● te laat biest verstrekt
● matige/slechte kwaliteit biest
● te veel melk uitliggen voor afkalven
● niet goed ontdooien van bevroren biest
Adviezen
1) Geef de kalveren Veel Vlug Vaak en Veilig biest
2) Indien u het kalf ingevroren biest geeft, ontdooi deze dan op de juiste manier: “au-bain-marie” (in een pan water van max 60°C), dus niet in de magnetron.
3) Controleer de kwaliteit van de biest en vries alleen biest in als u zeker bent dat deze genoeg afweerstoffen bevat.
4) Verstrek zo veel mogelijk biest van de eigen moeder. Registreer de gevallen waarin een kalf van een andere koe biest krijgt.
5) Laat een kalf niet de eerste uren bij de moeder drinken. 60% van de kalveren neemt zo onvoldoende biest op en heeft dus niet genoeg afweer.
6) Bij diarree-problemen kan gedurende 10 dagen biest met de melkvoeding gegeven worden. Dit geeft een lokale bescherming in de darmen. Meng hiervoor 150-250 ml biest van de tweede melkmaal door de kunstmelk. Bewaar deze porties biest in de vriezer, bijv in een plastic koffiebekertje.
7) Werk Hygienisch!! Geef elk kalf een eigen speenemmer en maak deze na elke voeding goed schoon met heet water. Laat de emmers op de kop in een rek drogen en stapel ze niet in elkaar. Bewaar de biest in een schone emmer met deksel